Bouwstenen voor verantwoorde omgang met zoetwatervragen bij ruimtelijke ontwikkelingen in de Regio IJsselmeergebied

In de Bestuursovereenkomst Waterverdeling Regio IJsselmeergebied (2021) is afgesproken om met alle bij het (zoet)waterbeheer betrokken partijen in de regio IJsselmeergebied te komen tot een beleidskader voor ‘nieuwe watervragers’: een beleidskader dat zorgt voor de juiste afwegingen en sturing van de toenemende zoetwatervraag als gevolg van zowel nieuwe als bestaande activiteitenen functies. Het beperken van de vraag naar zoet water is belangrijk om de beschikbaarheid van voldoende zoet water, ook in de toekomst en ten tijde van langdurige droogte voor alle functies zoveel mogelijk te waarborgen (zie ook hoofdstuk 1).

Doel beleidskader

Doel van het beleidskader is het zo laag mogelijk houden van de vraag naar zoet oppervlaktewater, van toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen en nieuwe watergebruikers, om watertekorten in de (nabije) toekomst te voorkomen. Subdoelen hierbij zijn:
1. Duidelijke en consistente afspraken over hoe om te gaan met nieuwe watervragen;
2. Tijdig kunnen sturen van de waterbehoefte van nieuwe watervragen en de mogelijke gevolgen daarvan;
3. Gebruik van zoet water in de regio IJsselmeergebied zoveel mogelijk beperken in droge perioden en daarbij waterbewustzijn te stimuleren, zodat inzet van de verdringingsreeks ten tijde van waterschaarste zoveel mogelijk beperkt wordt.
De doelgroepen voor het beleidskader zijn met name de betrokken waterbeheerders en bevoegde gezagen voor ruimtelijke ontwikkelingen die consequenties hebben voor (een toename van) de zoetwatervraag uit de regio IJsselmeergebied (zowel grond- als oppervlaktewater).

Wat is een nieuwe watervraag?

In de bestuursovereenkomst is gesteld dat extra vraag naar zoet oppervlaktewater ten opzichte van de bestaande watervraag zoals opgenomen in de watervraagtabellen kan ontstaan door:
a. Uitbreiding van de watervraag van bestaande functies (zoals toename vraag naar zoet oppervlaktewater voor gewijzigd peilbeheer om bodemdaling in veenweidegebieden tegen te gaan, of toename van beregening door hogere verdamping)
b. een nieuwe watervraag door nieuwe (ruimtelijke economische) ontwikkelingen of initiatieven.

Een nieuwe watervraag wordt voor het beleidskader als volgt gedefinieerd:
Een vraag voor het gebruik van zoet oppervlaktewater voor een bepaalde activiteit als gevolg van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen en/of beleidsopgaven, waarvoor nog geen toestemming is verleend en/of waarover nog geen afspraken zijn vastgelegd. Een nieuwe watervraag is het gevolg van een activiteit op een bepaalde locatie. Het kan daarbij gaan om:
1. bestaande activiteiten op bestaande locaties;
2. nieuwe activiteiten op nieuwe locaties;
3. nieuwe/aangepaste activiteiten (zoals bijvoorbeeld overschakeling op heel andere teelten in de landbouw) op bestaande locaties.

 

Lees verder in het document!

Auteur(s):
R. Schreuders, M. Menke, A. Sanjeev Mehta
Organisatie(s):
Arcadis
Publicatiedatum:
14 april 2023