Uit het voorwoord
In het centrum van Nederland ligt het Natte Hart van ons land: het IJsselmeergebied. Overrompelend groot met onstuimige luchten en prachtige vergezichten langs de horizon, bulderende wind, paradijs voor grote groepen
vogels, rustzoekers en recreanten, levensbron voor dieren, bron van inkomsten voor mensen, ‘waterschuur’ van Nederland, icoon van onze historie. Kortom: een gebied dat zijn gelijke niet kent.
Een nieuwe koers
De noodzaak van de Integrale Visie IJsselmeergebied is in december 1998 aangekondigd in de Vierde Nota Waterhuishouding vanwege een aantal verwachte ontwikkelingen in het gebied. Een aantal (autonome) ontwikkelingen, die van internationale en nationale betekenis zijn en die zeker, in positieve of in negatieve zin, hun weerslag zullen hebben in en rond het IJsselmeergebied. Deze ontwikkelingen zijn als volgt te karakteriseren:
- klimaatverandering (met effecten als zeespiegelrijzing en veranderende rivierafvoer) in combinatie met bodemdaling met gevolgen voor veiligheid, kans op wateroverlast en kans op droogte;
- toenemende vraag naar zoet water en de blijvende zorg voor een duurzame (zoet)watervoorziening (onder andere drinkwater en landbouw);
- implementatie en naleving van de (op handen zijnde) Europese regelgeving, zoals de Europese Kaderrichtlijn Water en de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn;
- toenemende intensivering van het gebruik van het IJsselmeergebied (recreatie, grondstoffenwinning, winning (duurzame) energie, visserij, transport over water);
- toenemende druk van buitendijkse ruimtelijke claims, zoals stedelijke ontwikkelingen, natuurontwikkeling, infrastructuur en recreatieve voorzieningen.
Zonder een visie op de toekomst ontstaat een spanningsveld tussen de waarden van het gebied en de aard en reikwijdte van de toekomstige ontwikkelingen in het gebied. Deze ontwikkelingen grijpen in op het IJsselmeergebied als geheel en overstijgen over het algemeen de provinciegrenzen. Daarom is het wenselijk dat het Rijk een koers (een visie) uitzet voor het gebied in zijn totaliteit. Door de toekomstige ontwikkelingen op hoofdlijnen te sturen en de inrichting en het beheer van het gebied nader te formuleren, wil het Rijk de unieke waarden van het gebied behouden en versterken.
Doel van de integrale visie
De visie bevat een heldere koers op hoofdlijnen met als doel:
Een duurzame ontwikkeling van het IJsselmeergebied (qua beleid, inrichting en beheer) voor de periode tot 2030, waarbij een afweging plaatsvindt die rekening houdt met de aanwezige kernkwaliteiten van het gebied.
De visie is opgesteld door de regionale vertegenwoordigers van de ministeries van Verkeer en Waterstaat, van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij, van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer en Economische Zaken. De provincies Fryslân, Flevoland en Noord-Holland hebben hun ambtelijke medewerking aan de Integrale Visie verleend, maar dragen geen bestuurlijke verantwoordelijkheid voor het eindresultaat.
- Auteur(s):
- Francien van Luijn, André Rijsdorp & Klaas-Jan Wardenaar
- Organisatie(s):
- Rijkswaterstaat
- Publicatiedatum:
- 18 januari 2002

